Milieu, klimaat en mensenrechten

Milieuvervuiling en klimaatopwarming brengen ernstige bedreigingen voor de mensenrechten met zich mee. Mensen stappen steeds vaker naar de rechter om milieuvervuiling of gebrekkig milieu- of klimaatbeleid aan te vechten, en beroepen zich hiervoor vaak op de mensenrechten.

Milieuvervuiling: wat zijn mijn rechten?

Levenskwaliteit en welzijn

Mensenrechten beschermen niet tegen schade aan de natuur op zich. Wanneer milieuvervuiling (vb. lucht- of waterverontreiniging of ernstige geluidshinder) negatieve impact heeft op de mens, kan het wel een probleem vormen vanuit het oogpunt van de mensenrechten. Wanneer milieuvervuiling een aantasting vormt van de levenskwaliteit of het welzijn van de getroffen personen, vormt dit volgens het Europees Hof voor de Rechten van de Mens een aantasting van het recht op eerbiediging voor het privéleven (artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens). Wanneer milieuvervuiling van levensbedreigende aard is, zal ook het recht op leven (artikel 2 Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens) op het spel staan.

Participatie en toegang tot een rechter

De mensenrechten vereisen dat overheden redelijke en geschikte maatregelen nemen om te voorkomen dat personen aangetast worden door milieuvervuiling. Dit betekent dat de overheid een wettelijk kader moet ontwikkelen dat voldoende bescherming biedt tegen milieuvervuiling (het milieurecht), via onder meer een stelsel van milieunormen. De overheid moet dat kader ook toepassen in de praktijk, vb. door een milieuvergunning te weigeren aan een activiteit die niet voldoet aan de milieunormen, door toe te zien op de naleving van deze normen of door een vervuilende activiteit stil te leggen wanneer deze hiermee in strijd is. De mensenrechten en het internationaal milieurecht vereisen ten slotte ook dat burgers toegang moeten krijgen tot milieu-informatie, dat zij over participatierechten beschikken wanneer activiteiten vergund worden die een negatieve milieu-impact kunnen hebben en dat zij toegang tot een rechter genieten in milieuzaken.

Recht op de bescherming van een gezond leefmilieu

Via de omweg van het recht op de eerbieding van het privéleven en het recht op leven, kunnen de mensenrechten een kader bieden om milieuvervuiling aan te vechten. Op internationaal niveau erkende de VN-Mensenrechtenraad in oktober 2021 het recht op een veilige, schone, gezonde en duurzame leefomgeving (resolutie A/HRC/48/L.23/Rev.1). Er werd ook een speciale rapporteur aangesteld voor de bescherming en promotie van de mensenrechten in de context van klimaatverandering. Het recht op een gezonde leefomgeving werd eerder al erkend in de rapporten van de VN-Hoge Gezant over mensenrechten en het milieu. Ook op Europees niveau is het debat hierover gaande in de Raad van Europa.

Een dergelijk recht bestaat al langer in België, waar artikel 23, 4° van de Grondwet uitdrukkelijk een recht op de bescherming van een gezond leefmilieu bevat. Artikel 23,  4° verbiedt dat de overheid het beschermingsniveau van het leefmilieu aanzienlijk beperkt, tenzij dit gerechtvaardigd wordt door het algemeen belang (zie vb. Raad van State, arrest van 2 mei 2019).

Klimaatzaken

In steeds meer landen stappen burgers naar de rechter om een klimaatzaak aan te spannen. Een klimaatzaak heeft als doel de overheid te verplichten om verdergaande maatregelen te nemen om de uitstoot van broeikasgassen te reduceren om zo de negatieve gevolgen van klimaatverandering te voorkomen.

Een belangrijke zaak was de Urgenda-zaak in Nederland, waarin de Nederlandse Hoge Raad in 2019 de Nederlandse overheid verplichtte om verdergaande maatregelen te nemen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, om zo het recht op leven (artikel 2 EVRM) en het recht op eerbiediging van het privéleven (artikel 8 EVRM) te beschermen.

Op gelijkaardige gronden veroordeelde de Brusselse Rechtbank van Eerste Aanleg in juni 2021 in de Belgische klimaatzaak de Belgische overheden voor het ontoereikend karakter van het Belgische klimaatbeleid, maar zonder hen concrete reductiedoelstellingen op te leggen. In november 2021 ging de vzw Klimaatzaak in hoger beroep om toch concrete reductiedoelstellingen in de wacht te kunnen slepen.

Ook het Europees Hof voor de Rechten van de Mens zal zich binnenkort voor het eerst moeten uitspreken over de klimaatmaatregelen in verschillende hangende zaken (vb. de zaak van de Portugese kinderen en die van de Zwitserse grootmoeders voor het klimaat).

Wat doet het FIRM?

Het FIRM is lid van ENNHRI, het Europees netwerk voor mensenrechteninstellingen, en droeg bij aan het opstellen van deze tussenkomst in de Zwitserse klimaatzaak die hangend is voor het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.

naar boven